Soorten mest voor de moestuin
Organische mest
Organische meststoffen zijn van natuurlijke oorsprong zoals dierlijke mest en plantenresten.
Bacteriën, schimmels en wormen breken deze mest af, waardoor stikstof, fosfor en kalium vrijkomen.
Dit proces gaat langzaam, waardoor organische mest geleidelijk voeding afgeeft.
Ze verbeteren de bodemstructuur en stimuleren het bodemleven.
Nadelen van organische mest:
1. Je weet nooit precies hoeveel stikstof, fosfor of kalium erin zit.
2. Paardenmest bevat vaak veel onkruidzaden.
3. Verse mest bevat veel ammoniak, wat wortels en jonge plantjes kan beschadigen.
Het beste is om oude mest te gebruiken die 6 tot 12 maanden heeft gecomposteerd.
Dierlijke mest
Dierlijke mest bevat veel voedingsstoffen, vooral stikstof. De werking verschilt per soort.
Koemest: milde mest, veilig voor bijna alle groentes. Geschikt voor aardappels, bonen, kolen en pompoenen.
Paardenmest: luchtig en warm. Goed voor het opstarten van bedden, maar moet goed verteerd zijn.
Vloeibare mest
Vloeibare mest, zoals Metrop, werkt direct omdat planten het meteen kunnen opnemen.
Ideaal voor kasplanten en bij voedingstekorten.
Voordelen: snelle werking; handig bij gele bladeren of trage groei.
Gebruik: vooral bij tomaten, komkommers, paprika’s en potplanten.
Korrelmest
Korrelmest geeft voeding geleidelijk af en is makkelijk te doseren.
Organische korrels: koemestkorrels, kippenmestkorrels. Voeden lang en verbeteren de bodem.
Kunstmestkorrels: snelle groei maar geen bodemverbetering; in de moestuin meestal minder gewenst.
Het is een zeer vruchtbare grond.